De weidevogels
Tot de weidevogels worden ruim 30 soorten gerekend die in meer of mindere mate afhankelijk zijn van het agrarisch gebied om er te nestelen en hun jongen groot te brengen.

Al deze soorten leggen hun eieren op de grond. Bekende soorten zijn kievit (linker foto hieronder), grutto (rechter foto hieronder), scholekster, wulp en veldleeuwerik. Met hun opvallende baltsvluchten en luide roepen zijn de vogels ambassadeurs voor het platteland en vrolijke lentebodes.
De weidevogels beleven echter moeilijke tijden. Door verdroging en voortgaande intensivering van de landbouw zijn de omstandigheden zo verslechterd dat steeds minder vogels er in slagen hun eieren uit te broeden en jongen vliegvlug te laten worden. Veel soorten gaan daardoor sterk in aantal achteruit. Om het verlies aan legsels door bewerkingen te beperken heeft Brabants Landschap door de hele provincie weidevogelgroepen opgericht. Vrijwilligers van deze groepen zoeken de nesten en maken ze middels markering zichtbaar voor boeren en loonwerkers. Zij kunnen zo om de nesten heen werken. Dankzij deze bescherming komt ongeveer 70% van de nesten uit. In de eigen terreinen met een goede weidevogelstand probeert Brabants Landschap bij het beheer zo veel mogelijk rekening te houden met de weidevogels.
Kennismaking met enkele soorten: Kievit, Grutto, Scholekster, Wulp, Watersnip en Veldleeuwerik.