Werk in uitvoering

Te veel stikstofneerslag is slecht voor de natuur. Daarom is in de natuurbeschermingswet vastgelegd dat er een natuurvergunning nodig is voor activiteiten waar stikstof bij vrij komt. Tot 29 mei 2019 was toestemming daarvoor gebaseerd op het landelijke Programma Aanpak Stikstof (PAS). De Raad van State heeft het PAS echter ongeldig verklaard.
Natuurherstelmaatregelen en bronmaatregelen gaan echter gewoon door. Deze maatregelen zijn noodzakelijk voor het behoud, het herstel en het voorkomen van verdere achteruitgang van de natuur. Ook in de gebieden van Brabants Landschap worden natuurherstelmaatregelen uitgevoerd. Voorheen werden dit 'PAS-maatregelen' genoemd.

Wilt u meer weten over de stikstofaanpak in Brabant, kijk dan op de website van de provincie.

Update 9-4-2020

Deze week is het nieuwe begrazingsseizoen voor 2020 weer gestart, op Valkenhorst in Valkenswaard. In de regio Groote Heide zullen dit jaar tussen de 500 en 900 schapen afwisselend in de verschillende terreinen grazen. Ook in andere regio's worden schaapskuddes ingezet. Lees in dit artikel meer over schapenbegrazing en andere natuurherstelmaatregelen.

Waar

In onderstaande gebieden voert Brabants Landschap natuurherstelwerkzaamheden uit. (Tussen haakjes staat de link naar meer informatie over het Natura2000-gebied.)  

Onder aan deze pagina staan enkele foto's van de gebieden en de herstelmaatregelen.

Wat

De neerslag van stikstof is slecht voor de natuur. De variatie en biodiversiteit gaat daarmee achteruit. Twee gevolgen die kunnen optreden als er teveel stikstof in de natuur terecht komt zijn het overheersen van enkele plantensoorten ten koste van zeldzame soorten, en een tekort aan mineralen voor planten en dieren.

Stikstof is een meststof die er voor zorgt dat (planten)soorten die van voedselrijke omstandigheden houden, gaan overheersen. Vooral in natuurgebieden die van nature voedselarm zijn, is dit erg problematisch.

Daarnaast zorgt een teveel aan stikstof ervoor dat noodzakelijke mineralen, zoals calcium en magnesium, oplossen in de bodem. De mineralen spoelen uit naar het grondwater en zijn niet meer beschikbaar voor de planten en dieren die ze nodig hebben.

Veel van bovenstaande gebieden van Brabants Landschap zijn (van oorsprong) voedselarme heidegebieden. Voedselrijkdom in heidegebieden leidt tot het vergrassen en verbossen van de heide. Er groeit steeds meer gras (vooral pijpenstro) en boompjes (vooral den en berk) op de heide. Het gras en de boompjes verdringen de heideplanten en de biodiversiteit gaat achteruit. De karakteristieke heidekruiden, zoals klein warkruid, stekelbrem en tormentil zijn door de uitspoeling van mineralen al grotendeels verdwenen. Heidegebieden zijn bijzonder. Ze zijn daarom ook opgenomen in Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. Ook de vennen op de heide hebben te lijden onder te veel stikstof. Snelgroeiende grassen winnen het van de kwetsbare oevervegetaties en het venwater verzuurt.

In de heidegebieden worden veel dezelfde herstelmaatregelen toegepast. Hieronder staan enkele werkzaamheden toegelicht. In de fotogalerij onder aan de pagina kunt u zien hoe die maatregelen er uit zien.

Onderstaande werkzaamheden zijn beheergerelateerd. Het is een aanvulling op het reguliere beheer, zoals extra maaien, plaggen of begrazen. Maar er worden ook grotere herstelwerkzaamheden uitgevoerd, zoals een herinrichting van een beekdal of veranderingen aan de waterhuishouding om verdroging van de gebieden te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is het Greveschutven.

Veel voorkomende herstelmaatregelen in de gebieden van Brabants Landschap 

Meer (verdiepende) informatie over deze herstelmaatregelen leest u op de website van Kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN).

  • Opslag verwijderen

Een veelvoorkomende maatregel is het verwijderen van opslag (jonge opkomende boompjes) in heidegebieden en langs vennen. Afhankelijk van de grootte van de bomen wordt er gemaaid, begraasd of gekapt.

  • Begrazen

Een manier om de heide en de vennen in stand te houden, is het laten begrazen van de heide en de venoevers. Het is een reguliere beheermaatregel. Dat wil zeggen dat sowieso voor het behoud van de heide vaak begraasd wordt. Maar in het kader van de stikstofaanpak is extra geld beschikbaar om méér en váker te begrazen. Met name schapenbegrazing wordt hiervoor ingezet. De schapen verblijven op sterk vergraste stukken binnen een flexibele afrastering, zodat ze hier het gras extra intensief afgrazen. Op plekken waar de bodem erg ongelijk is, wordt begrazing ook wel ingezet als alternatief voor maaien.

  • Plaggen

Om variatie te houden in de leeftijd en hoogte van de heide, worden gedeeltes van de heide geplagd. Zo ontstaat een pionierssituatie, waarbij naast heide ook andere planten de kans krijgen te ontkiemen. Het plaggen wordt bij voorkeur op sterk vergraste plekken uitgevoerd. Deze maatregel vindt vooral plaats op de armste 'stuifzandheiden', waar open zand van nature deel uit maakt van de heide. Ook wordt geplagd langs venoevers, waar veel plantensoorten afhankelijk zijn van kale grond.

  • Chopperen

Chopperen is een vorm van verdiept maaien of van ondiep plaggen, afhankelijk van de diepte waarop de machine wordt afgesteld. Bij chopperen blijft de strooisellaag aanwezig, waardoor niet alle essentiële voedingstoffen verwijderd worden. Chopperen vindt vooral plaats op droge en vochtige heide en in venachtige laagtes waar op de dichte strooisellaag water kan blijven staan.

  • Maaien en afvoeren

Deze maatregel kan genomen worden op heidevelden, maar wordt ook veel toegepast in graslanden. Bijvoorbeeld blauwgraslanden, die alleen voorkomen op zeer voedselarme, natte gronden. Door extra te maaien en het maaisel af te voeren, kan een teveel aan voedingsstoffen (zoals stikstof) verminderd worden.

  • Toedienen mineralen

Om het tekort aan essentiële mineralen te herstellen is het soms nodig ze opnieuw toe te dienen. Dit kan gebeuren in de vorm van kalk. Dat is een voedingsstof die onmiddellijk door de wortels van planten kan worden opgenomen. Maar er wordt ook gebruik gemaakt van steenmeel. Steenmeel is gemalen gesteente dat een breed scala aan mineralen bevat. In tegenstelling tot bijvoorbeeld kalk is dit niet direct beschikbaar voor plantenwortels. Steenmeel zal eerst opneembaar gemaakt moeten worden. Dit gebeurt door natuurlijke chemische reacties in de bodem en door bacteriën. Kalk wordt vooral gebruikt om zuurpieken af te vlakken die bij het plaggen ontstaan. Steenmeel wordt toegepast om op ecosysteemniveau mineralen terug in het systeem te brengen, zodat ze langdurig aanwezig blijven.

Wanneer

Het natuurherstelprogramma is in periodes van 6 jaar verdeeld. We zitten nu in de eerste periode, die loopt tot 2021. In 2019 zijn veel natuurherstelwerkzaamheden in de terreinen van Brabants Landschap gestart. In april 2020 wordt de begrazing met schapen weer opgestart. Ook onderzoeken, zoals bodem- of vegetatieonderzoek, kunnen onder de werkzaamheden voor natuurherstel vallen. Met de resultaten van de onderzoeken worden de maatregelen voor de volgende periode, van 2021 tot 2028, bepaald.

Met wie

Brabants Landschap werkt samen met Provincie Brabant, andere terreinbeherende organisaties, waterschappen en gemeenten.

Meer informatie

Neem voor meer informatie contact op met de projectmedewerkers op ons kantoor, via 0411-622775 of info@brabantslandschap.nl    

Bekijk alle 16 de foto's

Foto's

Cookie policy

Brabants Landschap gebruikt cookies om bijvoorbeeld de website te verbeteren en te analyseren, voor social media en om ervoor te zorgen dat u relevante advertenties te zien krijgt. Als u meer wilt weten over deze cookies ga dan naar brabantslandschap.nl/cookie-policy. Bij akkoord op deze cookie policy geeft u Brabants Landschap toestemming voor het gebruik van optimale cookies op onze websites. Klik op “Instellingen aanpassen” om uw voorkeuren te wijzigen.

Cookies accepteren Instellingen aanpassen