In het bootje van het waterschap

Er moesten op Valkenhorst even wat knopen worden doorgehakt over het beheer van de Tongelreep. De beste manier om de knelpunten te bekijken was door in een bootje te klimmen en samen met de ecoloog en opzichter van het waterschap te gaan kijken waar de problemen zaten. De Tongelreep is op Valkenhorst echt het hart van de natte natuur. De slagader van de visvijvers zou je kunnen zeggen. Vandaar dat er niet gekanood mag worden. Dat is maar goed ook, bleek al snel!

We waren nog maar amper onderweg toen nabij een verhoogde oever, die bij de hermeandering speciaal is aangelegd om de ijsvogel of wellicht zelfs de oeverzwaluw tot broeden te verleiden, een harde piep klonk. De ijsvogel dus! In de oever was duidelijk een vuistgroot gat zichtbaar met een door ijsvogelpootjes uitgeschraapte ingang. Ze graven zo’n gang, die wel een halve meter diep kan zijn, gewoon zelf hé! Zonder schop. IJverig blauw beekzoevertje! Het was nog geen half maart maar de kans dat er al eitjes in de broedkom lagen is groot. We zouden de ijsvogel nog vaker tegenkomen deze ochtend.

Af en toe moest Tiny de buitenboordmotor wat extra laten grommen om door een opstopping te komen en af en toe stopte hij de motor en stapte zelfs even op een drijftil om met een mesthaak de zaak uit elkaar te trekken. Wel snel weer instappen toen het begon weg te drijven. Voor één been was het te laat maar dat hoort bij het werk van deze praktijkmannen. Die beginnen niet te piepen bij een natte voet. Later moesten we toch inzien dat we niet verder konden. Door zeer laag overhangende wilgentakken bleef zoveel meegevoerd materiaal hangen dat er geen doorkomen meer aan was. Het water zocht zich een weg door het moerasbos. Volgens Ron, de waterschapsecoloog, een ongewenste situatie. De Tongelreep dankt zijn goede reputatie voor een groot deel aan zijn stroomsnelheid, waar die verdwijnt, nemen de waarden af. Maar goed, daar val ik u verder niet mee lastig.

Omdat het langs de beek zo rustig is hebben zich er allerlei dieren gevestigd. We stootten tot twee maal toe wilde zwijnen op. Een puber-big was in alle hecktiek Mrs Piggy kwijt geraakt en knorde een tijdje met ons mee. ‘Nee, wij zijn je moeder niet, je moet de andere kant op.’ Ze hebben elkaar zeker weer terug gevonden. Ook enkele reeën hebben we opgeschrikt en we zagen zelfs tot twee maal toe een vos. Ook opvallend waren de grote groepen wintertalingen die op de beek bivakkeerden. De wintertaling is een klein eendje met een bijzonder fraai uiterlijk. Bijzonder goede en snelle vliegers ook. Over de ijsvogels die we overal zagen heb ik al verteld. We hebben een paar zachte winters gehad en het beloofde een mooi jaar voor ze te worden. Het zou me niet verbazen als er drie koppels broedden langs de Tongelreep op Valkenhorst.

Al die natuur langs dit riviertje zou binnen de kortste keren verdwenen zijn als het opengesteld zou worden voor recreatie. Rust is daar echt noodzaak. We zagen de dieren natuurlijk ook alleen maar omdat onze aanwezigheid ze opjaagde vanuit hun rustplaatsen. Vooruit, dat kan een maal per jaar. Omdat het werk er om vraagt. Maar verder zijn ze allemaal gebaat bij rust.

Cookie policy

Brabants Landschap gebruikt cookies om bijvoorbeeld de website te verbeteren en te analyseren, voor social media en om ervoor te zorgen dat u relevante advertenties te zien krijgt. Als u meer wilt weten over deze cookies ga dan naar brabantslandschap.nl/cookie-policy. Bij akkoord op deze cookie policy geeft u Brabants Landschap toestemming voor het gebruik van optimale cookies op onze websites. Klik op “Instellingen aanpassen” om uw voorkeuren te wijzigen.

Cookies accepteren Instellingen aanpassen