Takkeling

Het broedseizoen van de uilen is begonnen! Waar steenuilen nog volop bezig zijn met hun paringsrituelen en het wachten is op het eerste ei, zitten de kerkuilen al te broeden. De bosuil heeft inmiddels al jongen. De meldingen van takkelingen bereiken ons nu dan ook via verschillende wegen.

“Zijn we daar blij mee?” is een veel gestelde vraag. De bosuil is niet bij iedere uilenbeschermer geliefd. Het gaat namelijk erg goed met hem, en het is dan ook de meest voorkomende uil. Hij schakelt makkelijk over op allerlei prooien. Omdat elke uil op zoek gaat naar een exclusief territorium dat voldoende voedsel garandeert wordt hij wel gedwongen de (bos)grenzen te passeren. Vandaar dat we hem steeds vaker zien in parken, steenuilenerven en zelfs in achtertuinen met oude bomen.

Als uilenbeschermer zouden we blij moeten zijn dat een uil geen extra bescherming nodig heeft, want is het uiteindelijke doel niet dat een soort zich zelf wel weet te redden? De reden dat zijn aanwezigheid gevoelig ligt, is dat hij als agressief bekend staat, andere uilen verdrijft en zelfs slaat.
Soms een nachtmerrie voor de uilenbeschermer die de meer kwetsbare en zeldzame uilen ziet verdwijnen door een flinke toename van bosuilen.

Maar gelukkig kennen de uilen geen grenzen in het luchtruim en vechten zij het zelf uit.
Afgelopen week kwam er een telefoontje binnen over een jonge uil waar het niet goed mee zou gaan: hij zat al twee dagen in een tuin, maakte een verzwakte indruk en het zou mogelijk gewond zijn aan een oog. Gezien de tijd van het jaar was de inschatting dat het om een jonge bosuil zou gaan en was de verwachting dat deze takkeling geen hulp nodig zou hebben. Maar om de mensen gerust te stellen en dan toch even te gaan kijken naar dat oog hebben we de mensen een bezoek gebracht.

En daar zat hij of zij dan toen we tuin door de openslaande terrasdeuren betraden. Een gezonde jonge bosuil op wat takken van een dakboom (een moerbei). Hij zat niet hoog, pal boven een terras en keek ons verstoord aan. Het was prachtig weer en de zon scheen erg fel aan zijn ogen. Een bosuil is namelijk echt een nachtuil. Hij kneep een van zijn ogen samen en het andere sperde hij open waardoor het doorzichtige knipvlies wat uilen hebben te zien was.

Daarnaast was wat werd aangezien voor een verwonding aan de ogen niet meer dan de rode randjes die juveniele bosuilen rond de ogen hebben. Een typisch kenmerk van deze soort. Niettemin, deze uil gaat het wel redden zonder onze hulp. De ouderuil zagen we in een glimp nog in een prachtige oude boom in de tuin. Conclusie niets aan doen. En ja, ook al gaat het hier dan om de bosuil, ook deze overheersende uil mag er wezen en is evenzo een prachtig dier.

Jonge uilen in een natuurlijke situatie zijn altijd een genot om te aanschouwen, en je zou ze maar in je tuin hebben. De boodschap is dus toch: genieten! De volwassen bosuil die roest in een holle boom is ook prachtig om te zien. De bosuil staat aan het begin van het broedseizoen, ik kan niet wachten op al die andere broedgevallen en spannende uilenavonturen die gaan volgen.

Daarnaast is het volgende misschien een zoete gedachte (wraak) voor uilenbeschermers. De bosuil heeft ook een natuurlijke vijand. Een predator als de oehoe versmaad ook een bosuil niet. Het blijft uiteindelijk allemaal een kwestie van eten en gegeten worden. Waar ik zelf niet zo’n moeite mee heb zolang ze het onderling zelf maar uitvechten.

Cookie policy

Brabants Landschap gebruikt cookies om bijvoorbeeld de website te verbeteren en te analyseren, voor social media en om ervoor te zorgen dat u relevante advertenties te zien krijgt. Als u meer wilt weten over deze cookies ga dan naar brabantslandschap.nl/cookie-policy. Bij akkoord op deze cookie policy geeft u Brabants Landschap toestemming voor het gebruik van optimale cookies op onze websites. Klik op “Instellingen aanpassen” om uw voorkeuren te wijzigen.

Cookies accepteren Instellingen aanpassen