Huismus

Wij mensen zijn nogal visueel ingesteld, we concentreren ons zelden op de geluiden om ons heen. Terwijl in de natuur zoveel te horen is. Dieren maken veel geluid, maar waarom eigenlijk?  Sta eens even stil en doe je ogen dicht. Hoor je het gefluit, gezang en getsjirp? Zet je oren open, en ervaar de natuur eens van een hele andere kant. 

Geluid en stilte in de natuur

De functies van tjirpen, kwaken, en burlen

De ene krekel is de andere niet 

Als je Ernst-Jan van Haaften, hoofd natuurbeheer bij Brabants Landschap, geblinddoekt in de natuur zet, kan hij horen of hij op de hei is of in de uiterwaarden. Je hebt natuurlijk typische heidevogels, zoals de veldleeuwerik of de roodborsttapuit. Maar ik hoor het ook aan de insecten. Heel typisch voor de hei is de veldkrekel. Die maakt dat echte zomerse geluid, dat pulserende getsjirp, kri  kri  kri . Soms met hele krekelkoren tegelijk. Hij doet dat door zijn vleugels over elkaar te bewegen, vanaf de ingang voor zijn holletje, dat als een soort klankkast werkt. Als je hem probeert te benaderen, schiet hij vaak snel dat holletje in.’ 

Het knopsprietje is ook zo’n soort die je alleen op de hei tegenkomt. ‘Knopsprietjes zijn heel kleine sprinkhaantjes. De mannetjes hebben een knotsje aan de uiteinden van hun voelsprieten, vandaar de naam. Om vrouwtjes te lokken en zijn territorium af te bakenen, maakt het knopsprietje een soort ritsend geluid, alsof je met je vinger over een kam gaat. Eerst zachtjes, met langere tussenpozen, en vervolgens steeds harder en sneller achter elkaar, als een ouderwets sleepbootje dat op gang moet komen.’ 

In de uiterwaarden klinkt het echt anders. Ernst-Jan: ‘Alleen daar vind je in Brabant de bramensprinkhaan. Die maakt in vergelijking met de veldkrekel een beetje een suf geluid, een hoog triet, met wat langere pauzes ertussen.’ Dat hij dat geluid maakt, is overigens wel heel handig. Ernst-Jan: ‘Een bramensprinkhaan is nauwelijks te zien, omdat hij zich het liefst verstopt in een braam of andere struik. Maar het geluid is onmiskenbaar. Als je dat hoort, dan weet je dat hij er is!’ 

Hoor het seizoen 

Ook elk seizoen klinkt weer anders, ervaart Mark Benders, onze beheerder in het Groene Woud. Afgelopen winter lag hier natuurlijk een dik pak sneeuw.  Dan hoor je soms helemaal niets. Zo stil, dat is ook wel eens fijn. Toch kan Mark ook enorm genieten van het voorjaar. Dan is het geluid van allerlei vogels in het bos bijna oorverdovend. 

Die vogels zingen overigens niet voor ons plezier, hoe mooi we het ook vinden. ‘Ze zingen niet eens voor hun éigen plezier. In de natuur gebeurt niets zomaar: alles wat energie kost, heeft een functie’, legt Mark uit. ‘En de functie van zingen is dat een vogelmannetje zijn territorium afbakent en een vrouwtje probeert te lokken. Een dubbele boodschap dus eigenlijk. Tegen andere mannetjes roept hij wegwezen!, en tegen vrouwtjes kom maar hier! Dat is dan ook de reden dat je ze de rest van het jaar minder hoort zingen.’  

Voortplanting is duidelijk de belangrijkste reden voor dieren om geluid te maken. Vandaar ook dat er in het voorjaar het meest te beluisteren valt. Na de langste dag in juni is het ineens een stuk stiller in de natuur. Als vogels gaan ruien en zich voorbereiden op de trek, houden ze zich namelijk liever een beetje gedeisd. Want tijdens het vervangen van je vliegveren ben je kwetsbaar, en trek je liefst zo min mogelijk aandacht. Naast voortplanting zijn er natuurlijk ook andere redenen om geluid te produceren: soortgenoten waarschuwen, roofdieren afschrikken, elkaar herkennen als moeder en jong of als soortgenoten, en het afstemmen van samenwerking in een zwerm of roedel. Vandaar dat je hele jaar door wel dierengeluiden hoort. Zo weten we van wolven dat ze tijdens het jagen communiceren door te huilen, een geluid dat op kilometers afstand te horen is. Met dat geluid laten ze elkaar weten waar ze zitten, of dat ze bijvoorbeeld moeten verzamelen omdat er een prooi gevangen is. Ook laten ze op die manier aan concurrenten weten dat een territorium bezet is. 

Edelherten: burlen en knorren 

Het spectaculairste natuurgeluid is toch wel het burlen van een mannetjesedelhert. Aan het begin van de herfst laat hij luidruchtig aan andere mannetjes weten dat hij er is. Hoe vaker en luider een hert burlt, hoe meer hij zijn concurrenten imponeert. Én hopelijk zijn ook de hindes, de vrouwelijke herten, onder de indruk en bereid tot paren. Als je het burlen een keer hebt gehoord, vergeet je het nooit meer. Het is een soort kruising tussen het brullen van een leeuw en het loeien van een koe.  

Ook de hinde maakt na het werpen van haar kalf  eind mei, begin juni  een heel apart geluid. Ze produceert een soort zachte kreuntjes, piepjes en knorretjes. Daarmee versterkt ze de moeder-kindband met haar kalf. Heel bijzonder! 

Een verschil van dag en nacht 

Net als mensen, maken dieren overdag meer geluid dan ’s nachts. Mark: ‘Overdag zijn gewoon meer dieren actief. Eigenlijk hoor je het meeste natuurgeluid op de overgang van licht naar donker, als de dagactieve dieren nog niet slapen, en de nachtbrakers wakker worden.’ Toch valt er ook ’s nachts genoeg te horen. ‘De bosuil bijvoorbeeld, met zijn oehoe-geluid dat je kent van horrorfilms. Of het verbazend luidruchtige gescharrel van een egeltje.’ 

En dan zijn er nog de dieren die dag én nacht actief zijn. Mark: ‘Van half mei tot in augustus kun je de groene kikker horen kwaken. Hij heeft een klein territorium, waar hij de hele dag én nacht ruzie over maakt met zijn buurkikkers.’   

Als je mensen vraagt waar ze rustig van worden, dan is het antwoord vaak het ruisen van de golven, de wind door de bladeren of het zingen van vogels. Ook Marks favoriete natuurgeluid komt van een vogel: ‘Zonder twijfel, de merel! Die zingt in de mooie tijd van het jaar, dicht bij huis, als je lekker met een drankje in de tuin zit. Dan zeg ik wel eens tegen de kinderen: Ssssj, nu even stil. Luister nou eens hoe mooi! En, ik zei het al, stilte is ook een niet te onderschatten geluid. Dat kan ook zo mooi zijn!’ 

Geluidenvanger 

Ook Henk Meeuwsen, zelfverklaard geluidenvanger, heeft een fascinatie voor merels. Hij maakte zelfs een complete cd vol merelgezang. Henk heeft van zijn hobby  natuurgeluiden opnemen  zijn werk gemaakt. Hij levert onder andere geluiden voor natuurdocumentaires. Die liefde voor de natuur begon in Brabant, vertelt Henk: ‘In het bos achter de boerderij van mijn ouders in Alphen werd ik verleid door de zanglijster en leerde ik het verschil tussen een kool- en pimpelmees.’  

Voor Henk geeft geluid een extra dimensie aan het landschap: ‘Als je kijkt, zie je alleen wat er voor je is, maar geluid neem je helemaal rondom waar. Alleen dat al is fascinerend. Hij heeft in de loop van tientallen jaren een indrukwekkende database aan natuurgeluiden opgebouwd. Deze zijn beschikbaar via de app BirdSounds Europe.  

Maar eigenlijk vindt hij dat je niet te snel naar zo’n app moet grijpen. ‘Hoor je iets wat je nog niet kent, ga dan rustig zitten, pak je thermosfles koffie en je verrekijker erbij en blijf kijken tot je ziet waar het vandaan komt. Als je tien minuten dat vogelgeluid hebt gehoord, en dan ineens die zwarte mees ziet, dan vergeet je dat nooit meer. Maar als een app je na tien seconden al vertelt dat het een zwarte mees was, dan kun je die wel afvinken op je soortenlijst, maar ben je het geluid de volgende dag alweer vergeten.’ 

Harder en hoger 

Zoals gezegd, zingen vogels niet voor niets. Lokken, afschrikken, waarschuwen, elk geluid heeft zijn functie. Maar nu ook de mens steeds meer geluid maakt, valt het niet altijd mee om daar bovenuit te komen. Inmiddels is bekend dat vogels in de stad steeds harder en hoger gaan zingen vanwege het verkeersgeluid. Verkeersgeluid is vooral een lage brom, dus als je hoger zingt, ben je beter hoorbaar. Een koolmees in het bos klinkt daarom heel anders dan eentje in de stad. Het is zelfs aangetoond dat nachtegalen in de stad minder hard zingen in het weekend, als er minder verkeer is.  Maar volgens Henk kom je in het wild ook tegen dat vogels hun geluid aanpassen aan hun omgeving. ‘Je kunt aan de afmetingen van een vogel ongeveer inschatten hoe hoog hij zingt. In het algemeen geldt: hoe kleiner de vogel, hoe hoger hij zingt. De grote gele kwikstaart zingt echter nogal hoog voor zijn formaat. Dat komt omdat hij vooral langs waterranden leeft en het geluid van snelstromend water in zijn habitat moet overstemmen.  

Luister eens! 

Om in het voorjaar vogels te horen, hoef je alleen maar naar buiten te gaan. Maar voor andere dieren moet je vaak wat meer moeite doen. Het is duidelijk: als je de natuur echt wilt beleven, moet je niet alleen je ogen openhouden, maar ook je oren! Zoek de volgende keer als je gaat wandelen een mooi boomstronkje, ga zitten en wees stil. Sluit je ogen en geniet van de geluiden van de wind, ritselende bladeren, kabbelend water, en vooral ook van ál die dieren in de natuur. Hoor je helemaal niets? Geniet dan van de stilte!

Veenmol, rugstreeppad of nachtzwaluw? 

Vaak heb je bij een natuurgeluid wel een idee wat voor dier het veroorzaakt. Het zingen van een vogel klinkt meestal behoorlijk anders dan het tsjirpen van een krekel of het kwaken van een kikker. Toch zijn er geluiden die heel erg op elkaar lijken, terwijl ze door totaal verschillende dieren gemaakt worden. Zo zijn er, als je ’s nachts een klankrijk ratelend geluid hoort, dat kilometers ver kan dragen, drie opties: 

  • Het is een nachtzwaluw: een vogel die – weinig verrassend – ’s nachts actief is en vooral leeft in heidegebieden, bijvoorbeeld op de Groote Heide en Brabantse Wal.

  • Het is een rugstreeppad: een amfibie die zich graag ophoudt op de grens van zand en water, zoals rond het Zwartven bij Hooge Mierde. 

  • Het is een veenmol: een insect verwant aan de krekel, dat zeer luidruchtig is, maar bijna nooit te zien omdat hij zich ingraaft in de grond met zijn mol-achtige graafpootjes. De veenmol komt voor op de Brabantse Wal en de Pannenhoef. 

Cookies

Brabants Landschap gebruikt cookies om bijvoorbeeld de website te verbeteren en te analyseren, voor social media en om ervoor te zorgen dat je relevante content te zien krijgt. Als je meer wil weten over deze cookies, raadpleeg onze Cookie policy. Bij akkoord op deze cookie policy geef je Brabants Landschap toestemming voor het gebruik van optimale cookies op onze website. Klik op “Instellingen aanpassen” om je voorkeuren te wijzigen. Als je meer wil weten over hoe wij omgaan met je persoonsgegevens, raadpleeg dan onze Privacyverklaring

Cookies accepteren Instellingen aanpassen